Mooi groen is niet lelijk

De Joris van deze foto gaat straks met mij mee, hij gaat wonen bij Dol op Wol, een nieuwe wolwinkel in Deventer, waar mijn patronen vanaf nu ook te koop zijn. Ik ben er nog nooit geweest, het ziet er uit als een mooie winkel, ik ben benieuwd, ik ga er eens lekker rondsnuffelen.

 
Kikker mag natuurlijk wel mee om zijn vriendje uit te zwaaien. Ik hoop maar dat hij hem niet te erg gaat  missen.
 
 
Ach er is altijd nog wel een ander vriendeje in de collectie, zoals deze Joris, een beetje kleiner, maar net zo lief.
 

Vervanger???

Dit aapje heb ik al een hele tijd.

 Het is gebreid van een Schoppel zauberball. Het leuke van deze bol is dat alle kleuren die ik voor het aapje heb gebruikt,  van dezelfde bol komen. Het is een beetje kleurtjes uitzoeken en kleine bolletjes winden, maar dan heb je wel een mooi resultaat.

Ik had hem dan ook al lang beloofd dat hij mee mocht naar de handwerkbeurs in Zwolle, met een mooie mand met bollen waarvan hij is gemaakt.
We waren dan ook erg teleurgesteld toen bleek dat het garen bij Schoppel in productie is en pas weer leverbaar in maart, wat nu??

 
Gelukkig had ik nog wat bollen van dit garen, ach en een nieuw aapje is snel gebreid.
 

Net zo lief als het andere aapje, en deze kan wel mee met een mand mooie bollen. Gelukkig vindt het andere aapje het niet zo erg, hopelijk kunnen ze in het najaar in Rotterdam met z’n tweeën mee.  Ze wonen nu een al een paar dagen samen in mijn huis, en gelukkig zijn ze dikke vrienden.

Dilemma

 
Zoals jullie wel hebben gezien ben ik bezig met het patroon van deze kikker. Op dit moment is een aantal proefbreiers druk bezig met het testen van het patroon.
 
Al mijn knuffels worden in het rond gebreid en dat kun je 2 manieren doen, zoals vroeger: op 4 of 5 naalden zonder knop, of heel modern met een rondbreinaald, gebruikmakend van de magic loop techniek.
 
Mijn knuffels worden veel door oma’s gebreid, en zij hebben vroeger op school leren rond breien op 4 naalden. Sommigen van hen zijn overgestapt op de rondbreinaald, maar velen blijven bij het oude vertrouwde, gewoon 4 (lange) breinaalden, je kunt er eentje onder je arm vastzetten.
 
Ik brei al een hele tijd op rondbreinaalden, en daarom maak ik de foto’s voor in mijn patronen altijd van breiwerk dat is gebreid op een rondbreinaald. Zij die op 4 naalden breien moeten dan zelf zien uit te vinden hoe het er uit ziet als je op 4 naalden breit.
 
Gisteren schreef Tijm mij een mail met de volgende opmerking: 
 
Dit keer is je patroon geschreven vanuit het breien op een rondbreinaald.
Helemaal goed, maar ik verplaats me nu even in de categorie breisters die hier niet mee bekend zijn.
Om mij heen zie ik veel breisters van boven de 65 die je patronen graag breien en dan op gewone lange pennen.
Ze kunnen goed wijs worden uit je patronen ook doordat je voorheen de foto’s ook maakte met gewone pennen (korte maar dat maakt niet uit).
Als breister die wel alles op de rondbreinaald breit, maakte ik zelf de ‘vertaalslag’ wel naar rondbreinaald.
Ik kan me nu voorstellen dat de categorie 65 plus graag het patroon en de foto’s op de ‘oude’ manier heeft.
Ook de wat minder ervaren breisters hebben daar misschien meer steun aan.
De ervaren breisters doen het toch gewoon op hun eigen manier en redden zich er prima mee.
 
Ik denk dat ze misschien wel gelijk heeft, en dat ik de foto’s dus beter kan maken van werk dat is gebreid op 4 naalden dan van werk dat is gebreid op een rondbreinaald. Mijn doel blijft om de patronen zo te publiceren dat velen – en vooral zij die dachten dat nooit te kunnen – mijn knuffels kunnen breien en dat doel bereik ik misschien wel beter door uit te gaan van breisters met 4 pennen.
 
Graag hoor ik de mening van jullie, lezers van mijn weblog, en breiers van mijn patronen .